De illusie van eigenwaarde

Nu we in een periode zijn beland waarbij het meer dan ooit belangrijk is onszelf te her-kennen en ons ware zelf te leren omarmen, is het des te belangrijker om onze eigen maskers en die van anderen te leren herkennen. Ookal vinden we zelf niet dat we een masker op hebben, toch hebben we een rol aangenomen waarmee we ons staande houden in onze omgeving. Daar heb ik eerder over geschreven in het blog over de rollenspelers.

Om een masker van onszelf te herkennen, kwam ik afgelopen week een artikel tegen waarbij de belangrijkheid van de schrijver er vanaf droop. Een belangrijkheid die werd ontleend aan het contact wat deze met een beroemdheid heeft (gehad). Hoe belangrijk kun je jezelf willen maken wanneer je contact hebt (gehad) met iemand die werkelijk beroemd/bekend is? Waarom? "Kijk mij nou belangrijk zijn, want ik heb met die-en-die gesproken, de hand geschud, keek naar mij..." Nounou, poehpoeh, interessant hoor. En waarom denk je dat je nu belangrijker bent (in de ogen van anderen) dan je voorheen was?

"Success rubs off" is een gezegde wat precies aangeeft waarom mensen zich aangetrokken voelen tot anderen die succes hebben. "Als je wint, heb je vrienden." Nog zo'n uitspraak die gewoon realiteit is. Als je wint, succes of geld hebt, wil iedereen vriendjes met je zijn. Alsof die gelegenheidsvriendjes zich daarmee wat van dat succes naar zich toehalen? Sommigen zijn er echt op uit mee te liften op het succes van anderen. In feite is het energie van anderen aftappen (energievampirisme), maar dat is weer een ander verhaal.

Stroopsmeren
Kijk eens hoe mensen stroopsmeren bij iemand waar ze tegenop kijken. Alsof alles wat die persoon zegt op een andere manier wordt gewogen dan wanneer een "onbelangrijk" persoon precies hetzelfde zou zeggen. En het omgekeerde is ook waar. Als een onbeduidend iemand iets aanreikt, wordt het veelal niet gehoord. Zoals Peter laatst schreef over zijn aanvaring met iemand die hem ronduit vroeg "en wie ben jij?", met de toon van 'en wie ben jij dan wel om hier iets van te durven vinden of zeggen?'.

Dit is het spel van illusies. De illusie dat we anders (willen) zijn dan wie we werkelijk zijn. En wie we werkelijk zijn, hebben we voor onszelf (nog) niet echt gezien, nog niet volledig gezien of durven accepteren. Oude inprentingen (het stemmetje van iedereen die ons naar beneden haalde) en conditionering (afstemmen op de buitenwereld en waar we die mee kunnen pleasen)? Want we denken voor anderen, we hebben een mening of zelfs een oordeel over wat anderen van ons zouden denken en daarmee dus een oordeel over onszelf. Dus toveren we een illusie voor anderen, zodat ze niet zien dat we eigenlijk onbeduidend zijn. Althans, dat vinden we zelf.

De uitspraak "Houdt van anderen zoals van jezelf" is ook een illusie. Ookal is het een bijbelse tekst "love your neighbor as yourself" (Markus 12:30-31), als we naar de wereld om ons heen kijken, zien we mensen elkaar vanalles aan doen. Vandaar dat ik een andere stelling wil poneren:

We kunnen niet van anderen houden zoals van onszelf, zolang we niet van onszelf houden zoals we van anderen doen. Illusie, schijn en bedrog op het hoogste niveau: die van de liefde...

Voetstuk
Waarom zetten we anderen op een voetstuk? Waarom lopen we zo weg met bijvoorbeeld artiesten, acteurs, sporters of anderen die succes bereiken in wat ze doen? Is dat vanuit een behoefte om zo goed te zijn als die ander? De behoefte om gezien te worden? "Als ik dat ook kan, dan...." Ja? Wat dan? Vanuit welke behoefte zouden we datzelfde willen evenaren dan wat die ander heeft neergezet? En hoe komt het dat we van onszelf niet zien waar we wèl goed in zijn? Waarom voelen we de behoefte om 'goed' te zijn? Ligt daar een overtuiging onder dat we niet goed genoeg zouden zijn? Dat we daarom willen meeliften op de waardering die anderen oogsten?

Nu we het hebben over succesvolle personen, is dat het overzicht op globaal niveau. Maar kijk eens naar onze eigen omgeving. In het klein zien we ook dat we stroopsmeren bij de populaire kinderen in de klas, de baas op het werk, de voorzitter van de vereniging. Alles om in een 'goed' blaadje te komen bij diegene waar we naar opkijken. Daar zit stiekem ook de behoefte om te roddelen onder. Iemand die we 'minder' vinden, kan er van langs krijgen. Niet direct in iemands gezicht, nee, achter de rug van die ander om. Waarom? Om onszelf in de ogen van anderen, over de rug van de mindere, beter te laten voelen. "Kijk mij nou eens een mening hebben over die-en-die, want dat is zo'n sukkel." Wat er niet bij wordt gezegd, want velen zijn zich daar niet van bewust, is "vind je ook niet?". Want daar gaat het om. Die mening kan blijk geven van op dezelfde golflengte te zitten met degene waar je tegenop kijkt. Als diegene dat bevestigt, voel je je beter dan je in werkelijkheid bent (vind je zelf).

Daar gaat het over: MENINGEN. En wat koop je er voor? Niks. Een ander kan een mening over je hebben, maar ze gaan er niet over. Het wordt een ander verhaal als je die mening over jezelf hebt.

Sterker nog: als je je niet bewust bent van je mening over jezelf, blijf je zoeken naar bevestiging buiten jezelf van alles waar je zelf niet in gelooft.

 

Lilian, 16 januari 2018